voor_elkaar-buurtbus
     

RelatiepolitiekRelatiepolitiek

U bent hier:
ChristenUnie Groningen (provincie)
Documenten
Relatiepolitiek
Appèl tot relatiepolitiek
 
 
Het was begin 2005 vijf jaar geleden. Op 22 januari 2000 schreven GPV en RPF geschiedenis. Samen verder. Een nieuwe politieke formatie was geboren. De ChristenUnie. Een nieuwe naam in de Nederlandse politiek.
 
Missie
Het is de missie van de ChristenUnie om de samenleving te dienen door haar meer te laten functioneren naar Gods wil. Deze missie is uitgewerkt in de Uniefundering en de Unieverklaring, die richting geven aan ons politieke denken en doen. In het vertrouwde spoor van GPV en RPF kreeg de missie in de afgelopen 5 jaar ook een actuele en concrete vertaling in de verkiezingsprogramma’s voor 2002 en 2003. Onder het motto Samen leven naar bijbelse waarden werd gekozen voor 5 speerpunten:
·        ruimte voor gezin en opvoeding
·        veiligheid en betrouwbaar bestuur
·        samen sterk voor de kwetsbaren
·        gezonde economie, goed rentmeesterschap
·        gerechtigheid zonder grenzen
De ChristenUnie is na 5 jaar niet meer weg te denken uit het politieke spectrum en manifesteerde zich als een uitgesproken christelijke politieke partij, die staat in de traditie van de christelijk-sociale beweging.
 
Waar staan we nu?
De ChristenUnie viert vandaag haar vijfde verjaardag. Waar staan we nu? Sinds het schrijven van het laatste verkiezingsprogramma is er veel gebeurd. De verkiezingen van 2002 kregen na de moord op Pim Fortuyn een bizar verloop, dat het einde van het paarse tijdperk betekende. Het kabinet Balkenende I van CDA, VVD en LPF strandde al na een paar maanden en er volgden nieuwe verkiezingen. Geheel onverwacht raakte de ChristenUnie betrokken bij de kabinetsformatie, maar CDA en VVD kozen uiteindelijk voor een kabinet met D66 – de ziel van paars! – in de plaats van de LPF.
Het kabinet Balkenende II is nu bijna halverwege deze periode. Gaandeweg nemen de meningsverschillen in de coalitie toe en verslechteren de verhoudingen. Daar komt bij dat er in 2004 sprake was van grote spanningen in de polder. De bezuinigingen riepen in de samenleving veel weerstand en verzet op, vooral omdat in het bijzonder kwetsbare groepen werden getroffen. Mensen met een krappe beurs, chronisch zieken, gehandicapten, ouderen en gezinnen werden geconfronteerd met een opeenstapeling van maatregelen. Het overleg met de sociale partners liep stuk. Mensen gingen massaal de straat op. Het vertrouwen in de overheid en in de toekomst is beschadigd. En toen werd Theo van Gogh vermoord. Het debat over integratie, over grondrechten en over de plaats van religie in de samenleving werd op scherp gezet. Bevolkingsgroepen kwamen tegenover elkaar te staan.

Richting wijzen
Alles bij elkaar is er in de samenleving sprake van onbehagen en verwarring. De politiek lijkt met de situatie verlegen en blijkt niet of nauwelijks in staat om vertrouwenwekkend en gezaghebbend richting te wijzen. In deze context is het nodig dat de ChristenUnie zich bezint op een actuele vertaling van haar missie, want we willen relevant zijn en met onze visie en manier van doen de harten van mensen raken. Midden in de samenleving staan. Burgers in beweging brengen door op alle niveaus mensen, maatschappelijke organisaties en kerken te mobiliseren. Om samen te zoeken naar antwoorden op de grote vragen van de samenleving en om samen activiteiten te ondernemen die concreet bijdragen aan een samenleving die meer functioneert naar Gods wil. Dit appèl, dat een initiatief is van de werkgroep 5 jaar ChristenUnie, wil daartoe oproepen én een aanzet geven.
 
Van individualisme naar relationisme
De commentator van een krant schreef 5 jaar geleden naar aanleiding van de presentatie van de ChristenUnie: “Temidden van een kille en op het individu gerichte samenleving is een partij die iets van Gods liefde wil laten zien een verademing”. Onze christelijk-sociale traditie is gebaseerd op het besef dat mensen in relatie met anderen pas écht tot hun recht komen. Individu en samenleving zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Dat besef is in de afgelopen decennia op de achtergrond geraakt en daar is de samenleving niet beter van geworden. De aandacht voor het individu, zijn vrijheid en zijn rechten, is doorgeschoten. Gemeenschappelijke waarden raakten ondergewaardeerd, het spreken over de publieke moraal werd als zedenmeesterij bestempeld en over maatschappelijke plichten – als keerzijde van burgerrechten – werd nauwelijks gesproken.
Wij vinden het de hoogste tijd om deze eenzijdige benadering in te ruilen voor een visie op samenleving en politiek waarin relaties tussen mensen centraal staan. Zo’n relatiepolitiek biedt mogelijkheden tot een verrassende en vernieuwende benadering van vele politieke vraagstukken. Dat is in het Verenigd Koninkrijk aangetoond met het concept van de R-factor (Relationism). Relatiepolitiek kan in elk geval voor drie niveaus vruchtbaar worden gemaakt:
  • Het eerste niveau: samenleven in gezin, kerk en school. Investeren in tijd en verantwoordelijkheid voor elkaar.
  • Het tweede niveau: samenleven in buurt, dorp of stad. Investeren in betrokkenheid op elkaar en op de leefwereld.
  • Het derde niveau: samenleven in Nederland en de wereld. Investeren in gedeelde waarden met elkaar.
 

Venieuwend accent

Het gaat het bestek van dit appèl te buiten om deze begrippen voor de drie samenlevingsniveaus volledig uit te werken. We volstaan hier met een aanzet. 
 
Investeren in tijd en verantwoordelijkheid voor elkaar heeft te maken met een stevig gezinsbeleid, waarin ouders tijd hebben voor opvoeding en vorming en kinderopvanggelden vrij besteedbaar zijn. Met opvoedingsondersteuning, bemiddeling bij echtscheiding, tegengaan van flitsscheidingen en handhaving van ouderlijke verantwoordelijkheden voor de kinderen, ook na de scheiding. Met een vrij onderwijsbestel, waarin veel aandacht is voor het overdragen van waarden en normen.
 
Investeren in betrokkenheid op elkaar en op de leefwereld heeft te maken met het terugbrengen van de onderlinge zorg in de samenleving. Via bijvoorbeeld kerken en verenigingen. Het oppakken van maatschappelijke verantwoordelijkheden door burgers ten dienste van scholen en zorginstellingen, natuur en cultuur. Zo’n dienstbare samenleving wordt ondersteund door een dienstbare overheid, die er voor zorgt dat mensen die verantwoordelijkheden voor zichzelf en voor elkaar kunnen wáármaken. Dat raakt de ontwikkeling van economie en cultuur, maar bijvoorbeeld ook de ontwikkeling van de talenten van mensen die wel een steuntje in de rug kunnen gebruiken.
 
Investeren in gedeelde waarden met elkaar heeft te maken met het besef dat de Nederlandse samenleving – hoe verscheiden ook - één gemeenschap is. Met een gemeenschappelijk identiteit. Met gedeelde waarden en normen. die zijn gebaseerd op onze joods-christelijke wortels. In een gezonde en sterke samenleving zijn de betrouwbaarheid van de politiek en het vertrouwen in de politiek als twee kanten van dezelfde medaille. Met elkaar genieten van rechten en vrijheden, maar ook met elkaar plichten aanvaarden en verantwoordelijkheid nemen om dienstbaar te zijn aan de samenleving en aan elkaar. Om ervoor te zorgen dat mensen niet worden buitengesloten. Om samen te strijden tegen criminaliteit en terrorisme. Een gezonde en sterke samenleving neemt ook medeverantwoordelijkheid voor de verre naaste en draagt bij aan vrede en veiligheid, aan welvaart en welzijn over de grenzen heen.
 

Wij doen een appèl op de ChristenUnie om voorop te gaan bij een verdere uitwerking van de R-factor, als een vernieuwend accent in de christelijk-sociale traditie. Wij zijn er van overtuigd dat deze benadering aan de ene kant goed aansluit bij bestaande programma’s en activiteiten van de ChristenUnie, maar aan de andere kant ook nieuwe kansen en mogelijkheden biedt voor contextuele christelijke politiek. Het komt er op aan dat we de uitdaging aangaan om onze missie elke keer weer een actuele en concrete politieke vertaling geven.

Namens de werkgroep,

Corine Dijkstra, bestuurdersvereniging
Simone Kennedy, curatorium wetenschappelijk instituut
Martijn van Meppelen Scheppink, curatorium wetenschappelijk instituut
Jacob Pot, fractie Tweede Kamer
Ron van der Spoel, partijlid en theoloog
Joël Voordewind, partijbureau